Verhit

Nog nooit klonk de stem van pap zo traag.
‘Redden jullie het nog een beetje?’ vraag ik hem via de telefoon.
Pap is een groot zonaanbidder. Het eerste voorjaarsstraaltje kwam steevast op zijn gezichtshoogte binnen. Om die op te vangen, plakte hij zichzelf kaarsrecht tegen de muur van zijn platje. Ogen dicht, niet storen was de boodschap.
Maar nu is hij over de tachtig en zit met dertig graden in een flat, waarvan het terras de volle kracht van de zon opvangt. Dat is zelfs voor hem wat veel van het goede.

Gelukkig is zus op vakantie. The one with the swimming pool and room for a pony.
‘Waarom ga je daar niet lekker in de tuin zitten?’
Dat hadden ze gisteren geprobeerd.
Nietsvermoedend stapten ze met z’n tweetjes opgetogen in de auto. Het huis was aan kant, lekker luchtige kleding aan, op naar schaduw en frisse wind.
Mam zette koffie, pap kon geen tel wachten en liep meteen door.
‘Schat!’ klonk het geschrokken.
‘De puideur staat open!’
Ze laten alles uit hun handen vallen en gaan op verkenning. Voorzichtig steken ze hun hoofd om de openstaande deur, maar de tuin is leeg.
‘Ze zijn er allang vandoor, natuurlijk.’
Aan de woonkamer te zien, hebben ze hier niets meegenomen.
Ook inspectie boven levert geen spoor van inbraak op.
‘Dan hebben ze simpelweg vergeten de pui dicht te doen. Mogen ze mogen blij zijn dat wij langskomen.’
Mam heeft het nog niet gezegd of ze horen opeens geluid. Hun hoofden draaien naar links, richting Jacuzzi. Daar steekt deftige ‘oma andere kant’ net haar rechterbeen in het borrelende water. Haar grote witte billen weerkaatsen onverbiddelijk het zonlicht met dubbele kracht de weide wereld in.

Op kousenvoeten gooien ze zo snel mogelijk, de koffie door de gootsteen.
‘Sssssssst,’ grinniken ze naar elkaar, hun wijsvingers voor de mond.
Als dieven in de nacht sluipen ze het huis weer uit.

 

juli 2013