Contrast

De weken voor Pasen zijn gevuld met rust. Met veel plezier volgen we de prachtige vertellingen van Antoine Bodar, die de Bijbel verhaalt op plaatsen waar deze zich heeft afgespeeld. Hij neemt ons mee naar Bethlehem, Jeruzalem en het meer van Galilea. Het voelt alsof je een goed boek leest. Ondertussen zingen de klanken van de Matthäus Passion rond in het land. Deze dagen kleuren al eeuwenlang van inktzwart naar pril groen. Nergens in het jaar is het contrast groter.

Ook de eerste lentevlagen laten Ton en ik volledig op ons inwerken. Maar er zijn meer mensen, die dit weekend de zon aanbidden. Fietsers, wandelaars, skaters en auto’s treffen elkaar allemaal op die ene smalle weg. We slalommen ons er dapper doorheen.
‘Dat dat niet vaker fout gaat,’ peinst Ton.
Alsof ie het aan voelt komen. Nog geen tel later rijdt een breed vehikel ons bijna van de zomerse sokken. Of het nu het jaargetijde is, of deze laatste ongewenste manoeuvre, maar opeens zeg ik heel beslist:
‘Janken zullen jullie!’
Ton kijkt me vragend aan.
‘Dat moet je bij het lijstje zetten voor bij mijn begrafenis.’
‘Waar heb je het over?’
‘Janken zullen jullie, van Herman Finkers. Niks geen doodse stilte, geen ingehouden emoties. Doe maar aan het eind. Dan begin je met die stukken van Bach, heel stijlvol allemaal en dan tot slot Herman. Gaan de mensen toch nog een beetje opgeknapt weg.’
Ton is inmiddels volledig de weg kwijt en neemt daarmee vandaag grote risico’s. Ik zucht maar eens diep en vervolg:
‘Dat lijstje dat we gemaakt hebben met welke muziek we willen, weet je nog?’
‘Nou ….,’ klinkt het weinig hoopvol.
‘Nou ja, dat wordt dus helemaal niks,’ concludeer ik.
‘Wat?’
‘Mijn begrafenis. Wordt helemaal niks.’
Grinnikend vervolgen we ons pad. De ontluikende natuur met z’n blatende lammetjes overstemt alles.
Hoog tijd voor Pasen.

 

april 2015